Baby

Ik had ruim een week niet gewerkt toen ik op een ochtend vroeg in het hotel aankwam en iedereen aantrof op de gang van de eerste verdieping. ‘Wat is er aan de hand?’, vraag ik collega Mariska. ‘Een vrouw is aan het bevallen op kamer 105’, fluistert ze terug. ‘Een van de gasten is verloskundige, die is nu bij haar.’

Nu maken we rare dingen mee in het hotel, maar een geboorte is nieuw. ‘Pardon’, klinkt een luide mannenstem. De groep collega’s wijkt uiteen voor de kinderarts en een verpleegkundige, die zojuist zijn aangekomen met een ambulance. Ze gaan direct de kamer in en sluiten de deur.

‘Hoe lang is dit al gaande?’, vraag ik. ‘Het is drie kwartier geleden begonnen’, zegt Mariska. ‘Ik geloof dat het erg snel gaat.’ Onze baas ijsbeert zenuwachtig heen en weer. ‘Een bevalling, in ons hotel’, zegt hij bijna wanhopig. ‘In ons hotel.’ Hij kreunt en heft zijn handen naar de hemel.

Plots horen we een enorme schreeuw uit kamer 105 komen. De stilte die volgt is zenuwslopend, gespannen kijken we elkaar aan. Dan horen we een zacht babyhuiltje. Wat klinkt dat goed. We beginnen meteen te lachen, allemaal. De deur van de kamer vliegt open en een man met warrig haar snelt de gang op. ‘Ik heb een zoon!’, roept hij uitgelaten en gaat vlug weer naar binnen.

Na tien minuten nodigt hij ons uit om te komen kijken. In het bed ligt een vrouw met een piepklein mensje in haar armen, gewikkeld in witte doeken. Ze kijkt verliefd naar haar kleintje. De kinderarts zit op de rand van het bed. ‘Uw zoon is vier weken te vroeg geboren, maar het is een gezond en sterk kind’, zegt hij vriendelijk. ‘Wat ons betreft mag u over een paar uur naar huis.’

Dan betrekt het gezicht van de vrouw. Zachtjes begint ze te huilen. De vader kucht. ‘We hebben geen huis’, zegt hij. ‘Tijdelijk, hoor. Tot 1 januari. Daarom verbleven we in dit hotel, we kunnen nu nergens heen.’ Iedereen kijkt naar mijn baas. ‘Tja, uhm… ik weet niet, hoor. Het hotel is met de kerstdagen helemaal volgeboekt.’ Alle collega’s werpen boze blikken zijn kant op. ‘Natuurlijk’, zegt hij dan. ‘Natuurlijk kunnen jullie blijven. Ik regel wel wat.’ Iedereen applaudisseert. ‘Ik ga meteen blauw-witte muisjes halen!’, jubelt de kok.

Twee weken lang hebben we het kersverse gezin vertroeteld en extra in de watten gelegd. Wat heerlijk om tijdelijk zo’n lief baby’tje over de vloer te hebben. Mijn collega’s en ik hebben dagelijks geloot wie kamer 105 mocht schoonmaken. Op 2 januari zijn ze vertrokken naar hun nieuwe huis. We hebben ze allemaal uitgezwaaid tot de auto de hoek om draaide. Stiekem zag ik Mariska een traantje wegpinken. Dat jochie heeft voorgoed onze harten gestolen.

Meer lezen van Kamermeisje Nikki?
Volg @HetKamermeisje op Twitter.

Of like Het Kamermeisje op Facebook.