Groot fan

Mijn werk is altijd leuk, maar sommige dagen zijn extra bijzonder. Bijvoorbeeld als mijn favoriete rockband in de stad is en overnacht in het dichtstbijzijnde hotel. Ons hotel!

Op zulke momenten is een hotel net als iedere andere werkplek: je moet de juiste mensen kennen om dingen voor elkaar te krijgen. Met mijn collega heb ik een dag geruild, dat kostte me drie repen chocolade. Nu nog mijn bazin zover zien te krijgen dat ik de derde verdieping mag doen, want daar verblijven ze. Ze kijkt bedenkelijk, begrijpelijk, maar gaat akkoord. ‘Denk eraan: je bent onzichtbaar voor de gasten’, drukt ze me op het hart. ‘Tuurlijk, tuurlijk’, zeg ik terwijl ik mijn kar naar de lift rijd.

Als de liftdeuren opengaan, kijk ik met grote ogen de gang in. Niemand te zien. Stiekem ben ik toch een beetje teleurgesteld. Maar goed, ik ben hier om te werken dus ik ga direct aan de slag. Bij het afnemen van de kamerdeuren spits ik mijn oren, misschien hoor ik ze spelen. Het is doodstil. Na een kwartier geef ik het op. Waarschijnlijk zijn ze niet op de kamer. Ik zet mijn koptelefoon op en pak de stofzuiger.

Lekker luisteren naar mijn favoriete cd, ik kan alle nummers dromen. Hopelijk spelen ze dit vanavond. Ik gebruik de stofzuigerslang als luchtgitaar, even dat ruige riffje spelen. Het is net alsof ik op het podium sta, dwars door het geluid van de blazende stofzuiger hoor ik applaus. In een flits draai ik me om. Ik sta oog in oog met de frontman van de band.

Oei, daar gaat mijn onzichtbaarheid. Verlegen kijk ik weg, zet mijn koptelefoon af en wil het liefst door de grond zakken. De zanger lacht, zijn halflange haar zit warrig. ‘Dat laatste stuk ging niet helemaal goed.’ Ik kijk hem vertwijfeld aan. ‘Kom mee’, zegt hij. Op de kamer zitten alle bandleden. Ze drinken wat en pingelen op hun instrumenten.

‘Ga zitten. Wil je wat drinken?’ Ik schud mijn hoofd en ga op de rand van het bed zitten. De zanger pakt zijn gitaar. ‘Kijk, zo doe je dat’, zegt hij en hij speelt mijn favoriete nummer. Ik kan mijn ogen niet van zijn handen afhouden. Wauw. Ik krijg hier gewoon een privéconcert. Na drie nummers is het mooi geweest. ‘Ik moet weer door’, zeg ik lachend. Hij pakt het ‘Niet storen’- bordje en trekt met zijn tanden de dop van een stift. ‘Hoe heet je?’, vraagt hij en zet zijn handtekening. ‘Veel plezier vanavond.’

Met twee handen pak ik het bordje aan. ‘Bedankt’, zeg ik en ik draai me om. Druk het bordje tegen mijn hart. Met een brede glimlach loop ik de kamer uit. Dit geloven mijn vriendinnen nooit!

Meer lezen van Kamermeisje Nikki?
Volg @HetKamermeisje op Twitter.

Of like Het Kamermeisje op Facebook.