Zomertijd

‘Je zult nu wel heel druk zijn in het hotel’, zei mijn oma laatst, vanuit het idee dat de zomer extreme drukte met zich meebrengt. Ik stel haar gerust. ‘Nee hoor oma, niet veel drukker dan normaal. Het hotel is bijna altijd vol. Alleen zijn de gasten anders in de zomer; vooral buitenlanders.’ Ze slaat haar hand voor de mond. ‘Och meisje, wat erg. Die kun je natuurlijk helemaal niet verstaan!’

ZomertijdOma’s horen bezorgd te zijn. Ze denken altijd dat je het moeilijk hebt en leven altijd met je mee. Ontzettend lief natuurlijk. Ik moet er stiekem ook wel om lachen, want ik vind de zomerperiode juist hartstikke leuk! Het voelt als een verre reis in eigen land: de vreemde talen die ik hoor, de vreemde gebruiken die ik tegenkom.

In de zomer blijf ik graag hangen als ik klaar ben met werken. Ik kleed me om en ga in de lobby zitten kijken naar alle gasten die binnenkomen. Probeer te plaatsen waar ze vandaan komen, speur op koffers en tassen naar aanknopingspunten, luister naar de taal.

Tijdens mijn eerste zomer als kamermeisje kwam ik in gesprek met een Griek. In goed Engels vertelde hij me over de verschillen tussen Griekenland en Nederland. Dat begon ermee dat de Grieken toiletpapier niet in de pot gooien omdat de leidingen daar snel verstopt raken. Ze gooien het altijd in het afvalbakje naast het toilet. Hij kon er maar niet aan wennen dat het papier hier wel in de wc kan. Handig om te weten als je het afvalzakje vervangt.

Ik genoot van zijn Griekse uitspraak. We besloten dat we een gesprek zouden voeren in onze eigen talen, in een poging elkaar toch te begrijpen en uiteindelijk over hetzelfde onderwerp te praten. Daarmee zouden we aantonen dat je met lichaamstaal een heel eind komt. Hij begon met praten en ik snapte geen snars van wat hij zei. Druk gebarend keek hij me met grote ogen aan. Ik begreep er niets van en vond hem nogal agressief. ‘Zoek je soms ruzie?’, vroeg ik hem.

Hij begon alleen maar wildere bewegingen te maken, zijn stem klonk steeds luider. Ik werd er bang van en wilde weggaan. Geschrokken hield hij me tegen en vroeg in het Engels wat er aan de hand was. ‘Je bent boos’, zei ik. Verbaasd keek hij me aan. Toen begon hij te lachen. Hij was helemaal niet kwaad maar vertelde alleen heel enthousiast over de reis die hij ging maken. In totale verwarring probeerde ik terug te lachen.

Misschien hebben oma’s soms toch gelijk…

Meer lezen van Kamermeisje Nikki?
Volg @HetKamermeisje op Twitter.
Of like Het Kamermeisje op Facebook.